Logo rijssensnieuwsblad.nl


'De Vjennediek' tussen Wierden en Vriezenveen. In de rechtse boerderij woont volgens het bevolkingsregister vanaf 1890 de familie G. Beverdam.
'De Vjennediek' tussen Wierden en Vriezenveen. In de rechtse boerderij woont volgens het bevolkingsregister vanaf 1890 de familie G. Beverdam.

De Kléane Koarke: Er komt een grote onrust in haar hart

door Robert van Kralingen

Door de kerkenraad van de Eskerk wordt in 1918 besloten om in Wierden een kerkje te bouwen. Op 17 augustus 1918 wordt er voor 67,65 gulden een stuk grond gekocht aan de Veendijk (Vriezenveenseweg).
Als het kerkje in gebruik wordt genomen, preekt ds. M. Hofman over Johannes 4:21-23: 'Jezus zeide tot haar: Vrouw, geloof Mij, de ure komt wanneer gijlieden noch op dezen berg, noch te Jeruzalem den Vader zult aanbidden. Gijlieden aanbidt wat gij niet weet; wij aanbidden wat wij weten; want de Zaligheid is uit de Joden; Maar de ure komt en is nu, wanneer de ware aanbidders den Vader aanbidden zullen in geest en waarheid; want de Vader zoekt ook dezulken die Hem alzo aanbidden.' De huiskamer van Hendrikus Eshuis en zijn vrouw Jenneken Kleinjan wordt gebruikt als consistoriekamer. Naast de kerk woont slager Gerhard Beverdam. Hij is slager en koopman van beroep. Gerhard en zijn vrouw Zwenneken zijn lid van de Hervormde Kerk. De kerkdiensten worden echter nauwelijks door hen bezocht. In het welgestelde slagersgezin worden negen kinderen geboren. De tweede dochter Gerritdina (Diene) is naaister. Zij trouwt op zaterdag 22 februari 1913 met Jan Eshuis. In 1918 breekt in Wierden de Spaanse griep uit. De epidemie eist ook in Wierden slachtoffers. Gerritdina wordt ook getroffen. Haar sterfbed is zo angstig dat zij de kalk uit de muur krabt. Ouderling H. Eshuis bezoekt Diene op haar ziekbed regelmatig. Op woensdag 8 januari 1919 overlijdt zij op 28-jarige leeftijd. Het aangrijpende sterfbed van Diene laat een onuitwisbare indruk achter bij haar 21-jarige zus Hermina Egberdina (Miene) Beverdam. De vraag komt telkens in haar op: 'Nu was het je zus, maar straks ben jij aan de beurt en dan?' Er komt een grote onrust in haar hart. Zo kan ze God niet ontmoeten. Ze komt in grote benauwdheid terecht. Als ze verneemt dat er in het kerkje aan de Veendijk weleens een dominee uit Rijssen voor gaat, besluit ze om de diensten te bezoeken. Vier weken na het overlijden van haar zus Diene, waagt ze het om het kerkje binnen te stappen. De preek die Miene hoort, wordt voor haar onvergetelijk. Ds. Hofman houdt zijn voorafspraak over Psalm 73:12: ''k Zal dan gedurig bij U zijn, in al mijn noden, angst en pijn;' Na de voorafspraak preekt hij over Openbaring 3:20: 'Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop; indien iemand Mijn stem zal horen en de deur opendoen, Ik zal tot hem inkomen, en Ik zal met hem avondmaal houden, en hij met Mij.' In deze dienst gaat het Woord voor Miene open. Haar benauwde ziel mag ruimte vinden. De Heere laat haar zien dat zij, buiten zichzelf, met God verzoend kan worden. Het werk des Heeren in het hart van Miene blijft bij het volk van God in Rijssen niet onopgemerkt. Niet lang na haar verandering is Miene te vinden op de gezelschappen in de pastorie. Op deze gezelschappen komt ook de latere ds. H. Ligtenberg sr.

Reageer als eerste
Meer berichten